Pimp je afdeling

Boekbespreking 'Pimp je afdeling' van Jeroen Busscher
door Patrick Steggerda
Wist u, dat als een supermarktondernemer graag meer Duitse wijn wil verkopen vanwege de betere marge, hij dan ook het beste Duitse achtergrondmuziek kan draaien? Of, andersom, juist Franse chansons als hij die heerlijke Medoc of Bourgogne uit voorraad wil verkopen?
Het zou een prima voorbeeld kunnen zijn uit het boek ‘Pimp je afdeling’ van auteur Jeroen Busscher. Dit boek gaat namelijk over de vraag: hoe kan je het gedrag van mensen (lees medewerkers) beïnvloeden?
Busscher stelt eigenlijk meteen vast, dat mensen ‘groepsdieren’ zijn. Net als de schapen over die spreekwoordelijke dam. Dat wisten we natuurlijk al lang hoor ik u denken. Dat is waar. Maar juist omdat wij groepsdieren zijn wordt ons gedrag voor het overgrote gedeelte (Busscher stelt zelfs 98%) bepaald door de groep waarin we ons bevinden of ons mee verbonden voelen. Met andere woorden, zo is zijn stelling: we moeten dus kijken welke krachten de groep vormen én drijven. Als we die krachten kennen kunnen we ze beïnvloeden en daarmee dus het individuele gedrag van de leden van de groep het meest effectief bewerken. Om gedrag effectief te kunnen veranderen, is de context waarbinnen de groep werkt, allesbepalend of het gewenste gedrag wordt overgenomen. Zie het voorbeeld van de supermarktondernemer, die de groep van wijnliefhebbers bewerkt met een subtiele contextinterventie (muziek) waardoor het individuele consumentengedrag verandert.
Busscher stelt dat er 4 krachten zijn die de context van groepen bepalen. Deze zijn:
• leiderschap: tja, hier zijn wij het natuurlijk helemaal mee eens! Medewerkers doen wat jij doet. Voorbeeldgedrag van de leiders van de groep is bij uitstek een interventie om het gedrag van de leden van de groep te beïnvloeden. Ook Busscher stelt: het is voor het vormen van een (nieuwe) groepscultuur één van de grootste krachten!
• structuur: deze interventie is erg populair bij leiders en managers stelt Busscher. Meer dan 50% van de interventies om gedrag te veranderen is gestoeld op structuurinterventies zoals nieuwe afdelingen creëren, shared service centers bouwen, nieuwe verantwoordelijkheden en functie/salarisgebouwen, andere beloning of aanpassing ven regels en werkafspraken;
• taak: met deze interventie bedoelt Busscher dat het van groot belang is om te ontdekken, wat de collectieve ambitie van de groep is. Wat is onze toegevoegde waarde, missie en visie? En wat is de passie van de medewerkers van een afdeling of bedrijf en hoe kan je deze vertalen naar de taken van de groep, zodat de klant ervaart dat hij wordt bevredigd in zijn behoefte. Het gaat dan om bezieling en imago bijvoorbeeld. Zoals ‘Niets is onmogelijk’ of ‘Just do it’ een richting geven aan taakinterventie! (u weet waarschijnlijk meteen welke merken hier achter schuil gaan, dus zo krachtig kan het zijn);
• omgeving: dit is de meest onderschatte interventie zegt Busscher. Zaken die u hier kunt inzetten om het gewenste gedrag te stimuleren zijn: de werkplek zelf, het gereedschap waarmee we werken, een scorebord of bewegingsmonitor, een prospectbord met logo’s enzovoort. Het mobiliseren van de omgeving dus!
Deze 4 krachten werken met elkaar samen om de context te beïnvloeden. Vaak pak je meerdere interventies ook tegelijk op. Zo is een dagje op de hei goed voor een gemeenschappelijk herinnering (omgeving), geeft mensen de kans (opnieuw) als leider op te staan (leiderschap), kunnen nieuwe afspraken worden gemaakt (structuur) of wordt er een nieuwe aanpak om klanten uit te bouwen opgesteld (taak).
Daarom is zijn advies:
1. kies de Quick Win krachten: welke leveren veel op
1. met een geringe inspanning;
2. laat medewerkers meedenken, creëer draagvlak bottom-up
1. en maak en hou het leuk!
3. kies voor de krachten in uw controle- en invloedssfeer;
4. houd het simpel en doe niet alles in één keer, maar kies voor
1. vaak in plaats van groots. En hou dat lang vol!
Vaak, zo eindigt Busscher, kiezen managers voor een aanpak van overtuigen van, communiceren met en (in)trainen van vaardigheden om gedrag te veranderen. Wat lijkt dat logisch. Toch weten we nu dat het individuele gedrag sterk wordt bepaald door de groep en de context. Dus als u uiteindelijk toch besluit om te gaan trainen, dan is dat pas echt effectief als u daarnaast ook de context beïnvloedt!
Een stelling waar Intenza het van harte mee eens is!
Het boek ‘Pimp je afdeling’ staat verder vol met voorbeelden hoe de context vanuit de eerder genoemde 4 krachten kan worden beïnvloed. Heeft bovenstaande u getriggerd? Dan is dit boek leerzaam maar ook gewoon leuk om te lezen!
